Kegelvoetbal en balletje trappen tegen garagedeuren, het was voor Janny Timisela het begin van een succesvolle voetbalcarrière. Zo speelde ze als eerste Nederlandse profvoetbalster in het buitenland en heeft ze 63 officiële interlands achter haar naam. In deze editie van ‘De eerste 11’ vertelt Janny Timisela uitgebreid over haar voetbalcarrière. Over de successen die ze behaalde met haar clubs en Oranje, maar ook over discriminatie in de sport en hoe het haar motiveerde om juist nóg beter te worden.

Dit ben ik…

Ik ben Janny Timisela, Nederlandse van Molukse komaf. Geboren in Tiel op 23 september 1962. Ik kom uit een gezin van twaalf kinderen. Vader, moeder, acht jongens en vier meisjes, waarvan ik de jongste telg ben. Mijn oudste twee broers heb ik nooit gekend, omdat ze in Indonesië zijn overleden. Mijn vader was een KNIL militair (Koninklijk-Nederlands Indisch Leger). Met het schip genaamd Astorias werden mijn vader, moeder en twee broers in 1951 op dienstbevel, samen met alle andere militairen naar Nederland vervoerd met de belofte dat ze tijdelijk in Nederland zouden blijven. Op de boot werden ze ontslagen. Tot op de dag van vandaag is de belofte van de Nederlandse regering, maximaal zes maanden verblijf, niet waargemaakt. Aangekomen in Rotterdam werden de militairen, dus ook mijn ouders, via Amersfoort in Vught gestationeerd. Hier werden ze in barakken, voormalig concentratiekamp, geplaatst. In Vught werd ons gezin met nog eens zes kinderen uitgebreid. Wat mij van de verhalen is bijgebleven is dat de families voor de allereerste keer in aanraking kwamen met sneeuw! Kun je je voorstellen hoe dat ervaren werd?
Vanuit Vught verhuisden we naar een woonwijk in Tiel en leefden we in stenen huizen met meer slaapkamers, waar mijn zus Fien en ik op de wereld kwamen. Met ons tienen hebben we heel vaak straatvoetbal gespeeld (kegel voetbal, putjes voetbal, trappen tegen de garage deuren) en zijn er heel wat ballen door de buren ingenomen omdat de bal vaak bij hen in de voortuin terecht kwam. Ik heb tot mijn twaalfde handbal bij Theole gespeeld totdat RKTVC startte met vrouwenvoetbal. Ik ben toen gelijk lid geworden. Ik speelde grotendeels met oudere vrouwen en voelde mij als een kind /- dochter, ten opzichte van mijn medespeelsters. Zelf vond ik het fijn dat ik wedstrijdjes kon spelen en toen was al duidelijk zichtbaar dat ik fanatiek, competitief en gek was op acties maken. In het elftal speelde ik samen met mijn zussen, Errie, Fien en was mijn broer Dingo de trainer. Na heel wat jaren voor de Brabantse selectie gevoetbald te hebben, werd ik uiteindelijk in 1981 geselecteerd voor het Nationale Elftal. In 1982 ben ik de CIOS opleiding in Arnhem begonnen die ik heb afgesloten met het behalen van mijn diploma TC1/UEFA A. Heel lang heb ik voor RKTVC gespeeld totdat het moment daar was en ik de kans kreeg om in Zweden te voetballen en een contract kreeg (1988). Ik heb proeftrainingen in zowel China als Italië gedaan, maar ben daar niet op ingegaan omdat het niveau, toentertijd, niet aan mijn verwachtingen voldeed. Mijn droom kwam uit. Ik speelde toen een dubbele competitie. Zodra de competitie in Nederland gespeeld was, speelde ik tot oktober in Zweden om vervolgens weer in Nederland in te stromen. Gezien het feit dat de seizoenen elkaar overlapten speelde ik het hele jaar door. Na twee seizoenen een dubbele competitie gespeeld te hebben (RKTVC en Hammarby IF), kreeg ik de mogelijkheid om twee volledige seizoenen voor stadsconcurrent Djurgardens IF te spelen. Zo kon ik me totaal focussen op de Zweedse competitie. Leuk om te weten is dat ik samen met zus Fien in het Nationale Elftal gespeeld heb, met als hoogtepunt de officieuze WK in China 1988 (Guangzhou). Ook mijn broer Henny is international bij het zaalvoetballen geweest.

Mijn positie was..
Van origine ben ik een voorhoede speelster met de nodige individuele acties. Ik was snel, technisch en kon aardig
mijn directe tegenstander passeren. We speelden vroeger nog met vijf aanvallers: linksbuiten, linksbinnen, midvoor, rechtsbinnen en rechtsbuiten. Ik zwerfde toen in de voorste linie. Later met drie spitsen, was ik de rechterspits
en moest ik het vooral hebben van de vooracties en het voorbereidende werk. De passes/voorzetten vanaf de zijkant werden tot in perfectie getraind. Vele jaren later kwam ik rechts op het middenveld te spelen, en eindigde ik centraal op het
middenveld. Bij Oranje speelde ik zowel voorin als op het middenveld. Een keer zette mijn toenmalige coach, Bert van Lingen, mij op een backpositie om het verdedigende aspect te ervaren. Mooi leermoment.
Ik speelde voor Oranje…

In 1982 speelde ik mijn eerste interland tegen België (2-3 verloren) en in 1997 mijn afscheidswedstrijd tegen Brazilië (1-2 verloren) in het Willem II stadion met maar liefst 3000 toeschouwers. Ik ben er twee jaar tussenuit geweest omdat de toenmalige bondscoach Jan Derks wilde verjongen. Daarna kwam Ruud Dokter en ben ik weer gevraagd, waardoor mijn totale aantal op 63 officiële interlands komt.

De beste speelster in mijn tijd was
De beste speelsters in mijn tijd speelden in het buitenland: Pia Sundhage ( Zweden ) en Michelle Akers ( USA ).
Voetbal voor vrouwen in mijn tijd..
In de beginjaren werd het niet geaccepteerd. Voetbal was een sport die door jongens gespeeld werd. Ik had het geluk dat ik talent had en dat men het prachtig vond als ik met een passeerbeweging mijn tegenstander uitspeelde. Wel had ik een kleur en heb ik discriminatie van dichtbij ervaren, zeker tijdens de treinkapingen. Dit heeft mij wel extra gemotiveerd en gestimuleerd tot nog betere prestaties binnen de lijnen.
Ik speelde bij deze clubs…
Ik ben begonnen bij RKTVC. Vervolgens ben ik vier seizoenen prof geweest bij de Zweedse clubs Hammarby IF en Djurgardens
IF. Vervolgens ben ik in Nederland teruggekeerd en heb ik bij Puck Deventer gevoetbald (zelfstandige vrouwen club). Bij Ter Leede heb ik mijn voetbalcarrière met het behalen van de dubbel afgesloten.
Mijn mooiste voetbalmoment is…
Dat was mijn eerste interland , België – NL in 1982, de 4-3 winst op team USA in 1991 en op clubniveau met RKTVC toen we in 1988 kampioen werden en de beker wonnen.
Mijn moeilijkste voetbalmoment is…
Dat was het EK duel tegen Zweden in 1986. We wonnen met 2-0, maar kwamen één doelpunt te kort om ons te kwalificeren.
Voor mij betekende voetbal toen…
Heel veel, bijna alles! Ik wist al vrij vroeg dat ik de top wilde halen. Ik was gefocust op voetbal en had in mijn tijd alles opzij gezet, dus veel trainingsarbeid moeten verrichten om voor het allerhoogste te gaan.
Mijn favoriete speelster op dit moment is…
Jackie Groenen. De intercepties, het door verdedigen en bij balbezit, het kort wegdraaien en vooral het vervolg. Echt
om van te genieten. Bij het kijken naar het Nationale Vrouwenelftal let ik extra op haar looplijnen. Gewoon schitterend en een lust om naar te kijken.
Ik zou de speelsters van nu vertellen…

Je vorm behoud je door keihard te blijven trainen, scherp en leergierig, wees je zelf als je je doel wilt bereiken en GENIET. Met het coronavirus zal er nog meer discipline van je gevraagd worden. Jullie zijn rolmodellen en hebben een voorbeeldfunctie voor aanstormende jeugdspeelsters. Neem zelf de verantwoordelijkheid. Jullie bepalen de verdere ontwikkeling van het meisjes- en vrouwenvoetbal. De generatie van nu heeft middels het gemengd voetbal met heel veel moeite het podium bereikt.
Gemengd voetbal heeft zeker haar vruchten afgeworpen. Met de behaalde prestaties van de afgelopen jaren, Europees kampioen 2017en tweede op het WK 2019 wordt er ontzettend tegen jullie opgekeken. Ondanks de mening van derden, moet je vooral in jezelf blijven geloven en wat zou het prachtig zijn om de internationals weer in de Nederlandse competitie uit te laten komen. Ik denk dat de KNVB hierin een grote rol in kan spelen.

Dit ben ik na mijn carrière gaan doen…
In 2001 heb ik mijn actieve voetbalcarrière afgesloten en wist ik al dat ik trainster wilde worden. Met mijn TC1 /UEFA A licentie op zak, ben ik de trainerswereld ingestapt. Mijn kennis en ervaring wilde ik absoluut binnen het vrouwenvoetbal overbrengen. Bij Klarenbeek vond ik mijn eerste uitdaging. Vervolgens heb ik Buitenveldert, Rijnvogels, CSW, vv SteDoCo, vv Maarsen, Reigerboys getraind. Ook heb ik tussendoor twee seizoenen bij de KNVB regio West 1, de MO16 gecoacht, waarvan nu enkele speelsters op Eredivisie niveau/nationale elftal actief zijn.
Als ik de bondscoach was dan zou ik…

Aangeven de ingeslagen weg van huidige bondscoach Sarina Wiegman met haar staf te vervolgen, getuige de zichtbare prestaties. Volledigheidshalve wil ik hierbij de namen noemen van Bert van Lingen en Vera Pauw, personen die de basis
hebben gelegd voor de vrouwen van voetballend Nederland. Ook zou ik de bankzitters meer speelminuten geven.

Tot slot is het niet onverstandig om de huidige trainers van zowel de eredivisie als de topklasse-hoofdklasse, meer bij
de interlands te betrekken, bijvoorbeeld bij voorbeschouwingen en /of analyses, nabesprekingen.

Ik geef de pen door aan…

Marjoke de Bakker